Ik geef geen complimenten meer

Ik geef al een tijdje geen complimenten meer. En dat bevalt me goed. Toch werd ik gisteren op de proef gesteld door mijn dochter en haar buurmeisje. Gelukkig liep het met een sisser af…

Je zult je misschien afvragen waarom ik geen complimenten geef. Het is toch goed en positief om complimenten te geven? Zeker aan kinderen, als je positief wilt opvoeden. Dan horen complimenen als ‘wat lief van je’, ‘goed gedaan’ of ‘mooie blouse’ er toch gewoon bij?

Hetzelfde als straf

Voor mij zijn complimenen de keerzijde van straf. Daar schrik je misschien van. Als je iemand een compliment geeft, heb je toch een goede intentie? Je wilt toch uitdrukken dat je van zijn of haar kledingkeuze, creatie of kookkunst geniet en je wilt die persoon toch gelukkig maken door te zeggen wat jij ervan denkt? En in dat laatste zit hem de kneep: zeggen wat jij ervan denkt. Bij een compliment geef je namelijk je mening over iets dat de ander heeft gedaan, gemaakt of uitgekozen. Je doet niets anders dan jouw stempel erop drukken en bepalen dat datgene van de ander ‘goed’, ‘mooi’ of ‘lief’ is. Het probleem is, dat het de volgende keer net zo goed ‘slecht’, ‘lelijk’ of ‘stout’ kan zijn. Het is namelijk jouw persoonlijke mening over iets of iemand en die mening kan veranderen. Dat maakt het voor anderen heel onzeker. Auteur en spreker Alfi Kohn noemt complimenten en beloningen zelfs straf. Jonge mensen worden er onzeker van, verliezen hun zelfvertrouwen en hebben steeds meer complimenten nodig. En daar kan ik over meepraten.

‘Mooie tekening’

Als kind tekende ik graag. Ik haalde op mijn zesde of zevende de encyclopedie uit de kast en begon de vorm van paarden te bestuderen. Toen ik die kende, ging ik hun kleuren onderzoeken. Ik tekende bijna iedere dag paarden. Ook andere dingen tekende ik graag en dat ging niet onopgemerkt voorbij. Ik kreeg complimenten: ‘mooie tekening’, ‘wat kun jij goed tekenen!’, en later: ‘Jij gaat vast naar de kunstacademie’.

Op mijn achttiende was ik mijn plezier in tekenen verloren. Ik voelde me onzeker en vond dat ik niet goed kon tekenen. Ik beheerste namelijk het tekenen van perspectief niet en ik kon niet uit mijn hoofd tekenen, alleen natekenen. Ik heb tekenen nog wel als eindexamenvak gedaan en ben nog naar een opendag van de hogeschool gegaan voor de opleiding kunstzinnige therapie, maar daarna heb ik weinig meer getekend.

Toen ik na mijn opleiding ging werken, merkte ik hoe afhankelijk ik was van complimenten van mijn leidinggevende. Het leek wel of mijn bestaansrecht er vanaf hing. En hoewel ik eraan werk om mijn zelfvertrouwen in mezelf te vinden, denk ik nog steeds wel eens dat ik besta bij gratie van de goedkeuring van anderen. Nu zal dat niet alleen liggen aan de complimenten die ik in mijn jeugd zo veelvuldig heb gehad, maar ze hebben wel voor een belangrijk deel bepaald hoe ik in het leven sta. Ik wil er alles aan doen om te voorkomen dat mijn kinderen voor hun zelfvertrouwen afhankelijk worden van anderen. Ik zou zo graag zien dat ze hun kracht en zelfvertrouwen vooral uit zichzelf halen.

Ik geef dus geen complimenten

Wat doe ik dan wel? Ik luister empathisch en benoem de trots, blijdschap of tevredenheid die ik bij mijn kinderen denk te zien en datgene wat ze mogelijk ervaren en dat zo belangrijk voor ze is. Zoals plezier, capaciteit (iets kunnen) of zelfstandigheid (het zelf kunnen). En ik check dat bij hen. Dat kan zo klinken:’Ben je trots en tevreden over je tekening omdat het je is gelukt om binnen de lijntjes te kleuren?’ Of ik benoem de kleuren en vormen die ik waarneem, vooral als ik de vraag krijg of ik iets mooi vindt dat ze hebben gemaakt: ‘Wauw, je hebt de prinses een roze jurk, geel haar gegeven en rode lippen gegeven. Ben je blij met je kleuren die je hebt gekozen?’ Het kan ook zijn dat ik vertel wat het met me doet: ‘Als ik naar je tekening kijk, voel ik me vrolijk, want ik geniet van de kleuren die je hebt gebruikt.’ Ik merk dat ik er zelf blij van word als ik probeer te zien wat in hen leeft en als ik uitspreek wat in mijzelf leeft. Het voelt warm van binnen. Dat heb ik niet als ik onverhoopt eens een compliment geef. Dan doet het niets met me. Ik voel me eerder leeg van binnen.

Toch twijfel ik soms

Er zijn momenten dat ik twijfel over mijn keuze om geen complimenten te geven, maar empathisch te luisteren of me empathisch uit te spreken. Zoals gisteren, toen ik de dialoog opving van mijn docher van zes met haar buurmeisje van vier. Zij zaten in de huiskamer te tekenen en bespraken met elkaar dat ze hun tekening straks aan mij zouden laten zien, zodat ik kon bepalen welke de mooiste was. Waarop mijn dochter zei dat de moeder van haar buurmeisje de tekenig van haar eigen dochter altijd het mooiste vond. ‘Ja, was het antwoordde, omdat ik anders boos word.’ Ik was verrast. Dit meisje van vier had al door waarop de mening van haar moeder gebaseerd was. Toen zei mijn dochter iets dat me raakte. ‘Ik hoor nooit dat mijn tekening het mooist is.’ Vertelde ze hiermee indirect dat zij nooit complimenten krijgt? Van wat ze daarna zei, schrok ik echt. Ze klonk vastberaden: ‘Maar nu wil ik dat mijn moeder mijn tekening het mooist vindt, want ik heb heel erg mijn best gedaan!’

Wat nu?

Toen mijn dochter bij me kwam met met haar tekening, reageerde ik net als altijd: ik benoemde wat ik op haar tekening zag en ik probeerde te zien wat er in haar omging; dat ze blij en tevreden was met wat ze had getekend. Vanaf de tafel klonk ons buurmeisje: ‘Mijn tekening is ook mooi!’ Ik antwoordde dat het klonk alsof ze ook blij en tevreden was met haar tekening en vroeg of dat zo was. Het was zo. Daarna ging de twee meiden met hun tekeningen naar de moeder van het buurmeisje. Ik heb niet meer teruggehoord wat zij heeft gezegd, maar ik heb zo een vermoeden…

 

 

 

Advertenties

2 gedachtes over “Ik geef geen complimenten meer

  1. Interessant standpunt. Toch roept het bij mij vragen op. Als alles neutraal is hoe krijgt je kind dan hoogte van jou en wat jij fijn, mooi prettig of juist vervelend vindt? Druk je volgens jou dan ook je stempel als je in het algemeen zegt wat je bv mooi vindt of niet fijn? Een kind zal ook dat, lijkt mij, als voorbeeld nemen, want dat ben je nu eenmaal, een voorbeeld.
    Op mij komt het een beetje krampachtig over. En als je probeert in te schatten wat er in het hoofd van je kind omgaat, ben je dan niet bang dat je aanname niet klopt en dus je reactie verwarring veroorzaakt?

    1. Beste Elise, dank voor je reactie. In plaats van dat je zegt wat je mooi, fijn of leuk vindt, vertel je wat het met je doet, dus hoe je je erbij voelt en wat je ervaart. Bijvoorbeeld dat je blij bent als je kind plezier heeft, omdat jij ook zo graag plezier hebt. Als je probeert in te schatten hoe je kind zich voelt en wat hij of zij ervaart, stel je ook een vraag. Bijvoorbeeld: ben je trots omdat het je is gelukt? Hij kan dan bij zichzelf voelen hoe het voelt en wat hij ervaart. Zo help je je kind om bij zijn gevoel en behoefte te komen. Geeft dit jou meer helderheid?
      Hartelijke groeten, Annemiek

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s