Mijn zoon geniet van geweld

Met de aanslagen in Parijs (en Libanon en Beiroet) in mijn achterhoofd moet ik steeds denken aan de uitspraak van Marshall Rosenberg: ‘We maken geweld plezierig.’ En ja, ik zie dat mijn zoon van zeven geniet van geweld…

Goeierikken en slechterikken

Het begon volgens mij bij de indeling in goeierikken en de slechterikken, een onschuldig kleuterconcept waar kinderen houvast aan lijken te hebben om de wereld te begrijpen. Volgens Marshall Rosenberg begint geweld hier juist. Hij refereerde hierbij naar theoloog Walter Wink, die stelt dat geweld de sociale norm is sinds ongeveer achtduizend jaar. Toen is een mythe ontstaan dat de wereld werd gemaakt door een heldhaftige, deugdzame mannelijke god die een boze vrouwelijke godin versloeg. Vanaf dat moment hebben we het beeld van de goeierikken die de slechterikken doden. Dat is uitgegroeid tot zogenoemde vergeldingsrechtvaardigheid, die zegt dat er mensen zijn die het verdienen te worden gestraft en degenen die het verdienen te worden beloond.

Gewelddadige tv-programma’s

‘In de meeste van de gewelddadige tv-programma’s die kinderen kijken, slaat de held anderen in elkaar of doodt hij ze,’ zei Marshall. Dat is precies wat ik zie gebeuren in het filmpjes die mijn zoon soms kijkt. De slechterikken vallen de goeierikken aan, die zich op hun beurt verdedigen met automatische geweren waarmee ze om zich heen schieten als echte soldaten. Ze klinken voor mij ook als echte geweren. In mijn ogen is er geen verschil met een echte oorlog waar mijn zoon naar kijkt en waar hij van leert dat het gerechtvaardigd is om je vijanden uit de weg te ruimen.

Genieten van geweld

‘Kijkers die hebben geleerd dat slechterikken het verdienen om gestraft te worden, genieten ervan om te kijken naar dit geweld,’ stelde Marshall Rosenberg. Ik schrik van de gedachte dat mijn zoon geniet van geweld. Toch zie ik dit thuis wel gebeuren. ‘Lego Chima!’ zegt hij enthousiast als hij in de catalogus van Intertoys kijkt. ‘Vecht tegen de Icete’s!’ Hij geniet van het avontuur van de legendarische dieren. En daar zit hem voor mij juist de moelijkheid, want ik wil zijn behoefte aan plezier erkennen en waarderen. Ik wil mijn zoon niet het idee geven dat plezier en avontuur slecht is. Ik kan me alleen steeds minder vinden in de manier waarop hij plezier en avontuur beleeft. Deze manier vervult namelijk niet mijn behoefte aan vrede.

Eerlijk zijn?

Toen mijn zoon de Lego Chima’s Icebite’s Claw Driller kreeg, was voor mij een grens bereikt. Ik schrok van de klauw in de vorm van een boor en de raketten aan de andere klauw. Ik kon niet anders dan me eerlijk uitspreken. Ik weet niet meer of ik heb gezegd wat maakte dat ik schrok: dat het mijn behoefte aan vrede was waarvanuit ik reageerde. Ik had het idee dat mijn zoon hoorde dat ik zijn nieuwe speelgoed – waar hij zo blij mee was – afkeurde. Ik denk ook te zien dat hij sindsien – en sinds ik vaker uitspreek wat geweldadig speelgoed en gewelddadige filmpjes met me doen – voor ander speelgoed en andere filmpjes kiest om mij een plezier te doen, niet omdat hij het zelf graag wil. En dat wil ik nou juist voorkomen! Ik wil dat hij voor vreedzaam spel kiest vanuit zichzelf, niet uit angst voor kritiek of omdat zijn moeder daarvan schrikt. Dan doet hij zichzelf namelijk geweld aan.

Beangstigende gedachte

Toch is het een beangstigende gedachte voor mij dat mijn zoon op zijn zevende al heeft geleerd dat het gebruik van geweld gerechtvaardigd is. Is hij, zoals Marshall stelde, nu al losgeraakt van zijn natuurlijke bewustzijn dat het welzijn van anderen hetzelfde is als zijn eigen welzijn? Moet hij op zijn zevende al afleren wat hij heeft geleerd om te zijn wie hij van nature is? Volgens Marshall zijn we namelijk van nature empathisch en hoeven we dat dus niet aan te leren. We hoeven alleen de patronen af te leren die we hebben aangeleerd, zoals denken in goed en fout. Maar hoe leer je deze af op zo’n manier dat je jezelf niet gaat veroordelen, dus zonder geweld tegen jezelf te gebruiken? Want dan handel je nog steeds vanuit geweld in plaats van vanuit je ware empathische natuur.

Jezelf veroordelen

Ikzelf heb me jarenlang veroordeeld voor mijn ‘slechte’ gedachten en gedrag, waarmee ik anderen pijn deed en kwetste. Feitelijk deed ik mezelf geweld aan om het geweld in mezelf te bestrijden. Ik bleef hierbij in een kringetje van schuld-, schaamte- en angstgevoelens ronddraaien en het geweld jegens anderen nam niet af. Pas toen ik kon zien vanuit welke behoefte ik dacht wat ik dacht en deed wat ik deed, kwam er zachtheid in me en was ik in staat mijn acties te transformeren tot gedrag waarmee ik bij kan dragen aan het leven van anderen.

Reptielenbrein

Ik ben nog steeds niet altijd in staat om bij mezelf te blijven en empathisch te zijn. Ik weet inmiddels dat mensen onder stress vanuit hun reptielenbrein handelen, en dat dat geprogrammeerd is om te vechten, vluchten of bevriezen. Ik weet dat ik dan gewoonweg niet in staat ben om empathisch te zijn, hoe graag ik het ook zou willen. Ik heb dan zelf namelijk een grote, omhullende empathie nodig en een liefdevolle, accepterende houding van anderen. Daar ligt voor mij dan ook de sleutel tot het afleren van denken in goed en fout. In plaats van dit gedrag te veroordelen, gaat het erom te zien welke behoefte iemand hiermee probeert te vervullen. Dus als het mijn zoon gaat om een behoefte aan plezier en avontuur, wil ik deze behoeften zien en waarderen, dwars door het gewelddadige speelgoed en de filmpjes heen. Dan gaat het namelijk niet meer om het speelgoed of de filmpjes zelf. Dan telt alleen nog datgene wat zo wezenlijk voor hem is en waarvoor hij probeert te zorgen. Als ik dát kan zien, kan ik hem blijven zien en waarderen als mens.

Eerlijk uitspreken

Tegelijkertijd wil ik ook mijn eigen behoeften aan vrede zien en waarderen. Ik wil me dus eerlijk blijven uitspreken. In het boek Parenting from Your Heart van Inbal Kasthan lees ik wat ik zou kunnen zeggen. Het is niets minder dan wat ik voel en wat ik nodig heb. Ik voel me somber en verdrietig dat mensen geweld gebruiken naar elkaar omdat ik erin geloof dat mensen manieren kunnen vinden om hun conflicten met vrede op te lossen, zodat iedereen blij en gelukkig van wordt.

Als ik de behoeften van mijn zoon kan blijven zien en mijn eigen behoeften erken en waardeer, denk ik dat we manieren kunnen vinden om de behoeften van ons beiden te vervullen. Ik denk dat mijn zoon dan uit vrije wil kan gaan kiezen voor filmpjes en spelletjes die aansluiten bij zijn empathische natuur. Het zou me trouwens wel enorm helpen als winkels speelgoed, filmpjes en games zouden verkopen waaraan kinderen kunnen ervaren hoe plezierig het is om elkaars leven mooier te maken. Speelgoed dat hen helpt hun empathisch vermogen te ontwikkelen. Niet in de zin van aanleren, want dat hoeft dus niet. Meer in de zin van hun aangeleerde patronen afwikkelen, zodat ze meer de empathische persoon kunnen zijn die ze werkelijk zijn. 

Empathisch speelgoed

Ik weet dat er coöperatieve spellen zijn en games die dat doel hebben. Ik heb zo’n spel in huis en ik heb me voorgenomen dat we ieder jaar een spel kopen dat kinderen leert samen te werken in plaats van met elkaar te concurreren. Op deze manier kunnen mijn kinderen ervaren hoe plezierig het kan zijn om hun macht en kracht te bundelen en samen te werken aan het verrijken van elkaars en andermans leven. Ik wil hen ook meer verhalen aanbieden waarin de hoofdpersonen elkaars menselijkheid zien en ze streven naar vreedzame oplossingen voor conflicten. Ik wil hen leren dat vrede plezierig is!

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s