Mijn verdriet mag er zijn

Toen ik laatst een animatiefilm zag waarin een meisje van 5 of 6 haar vader verliest, liepen de tranen over mijn wangen. Ik merkte dat ik vocht tegen mijn tranen. Waarom eigenlijk? Mocht mijn verdriet er niet zijn? Mijn verdriet was er toch gewoon?

In de film zag ik mijn grootste angst werkelijkheid worden: dat mijn kinderen hun vader op jonge leeftijd verliezen. Terwijl ik naar de beelden keek, merkte ik dat ik langzaam brak van binnen. En hoewel het einde hoopvol was en relativeerde (in de hemel komen we elkaar allemaal weer tegen), voelde ik me na afloop een beetje zoals ik dacht dat ik me zou voelen als mijn man vroeg zou bezwijken aan zijn ziekte: gebroken en wanhopig.

Ik kan er niet omheen

‘Ik weet dat mensen het kunnen, maar ik kan het niet,’ dacht ik over het omgaan met het verliezen van een dierbare of het zien van anderen die een dierbare verliezen. Ik voelde mijn tranen, maar wilde niet huilen. In plaats daarvan veroordeelde ik mezelf. Ik moest me niet zo aanstellen. Mijn angst zou helemaal geen werkelijkheid worden, dat had de nieuwe internist zelf gezegd. Mijn man zou in ieder geval 65 jaar worden (hij is nu 43). Dan waren de kinderen 26 en 28. Er waren genoeg mensen die hun ouders al op veel jongere leeftijd hadden verloren. En er waren ook mensen die veel ergere dingen meemaakten. Ik schaamde me om mijn zelfzuchtige gedachten en mijn zelfmedelijden. En toch was er nog steeds dat verdriet…

Mijn hart jammert

Op de website waar een eerdere internist ons naar had doorverwezen, had ik gelezen dat de overlevingsduur van mensen met Polycythemia vera tien tot twintig jaar is. Ik had rekening gehouden met het ergste, want dan zou het altijd meevallen.
Nu een nieuwe internist zich positief had uitgesproken over de levensverwachting van mijn man, was ik opgelucht. Maar mijn verdriet om de angst dat hij niet oud zou worden, was blijkbaar nog niet weg. Toen ik mijn zelfoordelen achter me liet en mijn verdriet de ruimte gaf, gingen de sluizen open. ‘Was je bang dat hij dood zou gaan?’ vroeg ik aan mezelf. ‘Jaaaah,’ jammerde mijn hart en nu kwam mijn verdriet echt los. En terwijl ik ruimte gaf aan dat gevoel, merkte ik hoeveel behoefte ik eigenlijk had aan begrip. Ik was blij dat ik mezelf nu kon horen.

Ik sta weer in mijn kracht

Ik huilde tien minuten. Toen kwam de gedachte in me op dat ik er heel graag op wilde vertrouwen dat mijn man nog zeker twintig jaar bij ons is. En op hetzelfde moment dat ik me met mijn behoefte verbond, voelde ik me opgelucht. Mijn verdriet verteerde mij niet meer. Ik stond weer in mijn kracht. Wat er ook zou gebeuren, ik wist dat ik het zou aankunnen als ik ruimte zou geven aan mijn gevoelens. Luidt mijn motto niet: ‘Het gaat er niet om wat er gebeurt, maar hoe je ermee omgaat’?

Hoe ga jij om met verdriet? Stop je het weg of mag het er zijn? Ik ben benieuwd naar jouw ervaringen! Deel ze hieronder, zodat we kunnen leren van elkaar.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s